Maandag:
Dinsdag:
Woensdag:
Donderdag:
Vrijdag:
Zaterdag:
Zondag:
|
gesloten
gesloten
17:00 - 21:00
17:00 - 21:00
17:00 - 21:00
17:00 - 21:00
17:00 - 21:00 |
|
Maandag:
Dinsdag:
Woensdag:
Donderdag:
Vrijdag:
Zaterdag:
Zondag:
|
Gesloten
17:00 - 20:00
12:00 - 20:00
17:00 - 20:00
17:00 - 20:00
12:00 - 20:00
12:00 - 20:00
|
|
|
Column
|
Blog 50+beurs
In de week van 13 t/m 18 september staat de VEP op de 50+beurs. Middels deze blog zullen wij u op de hoogte houden van hetgeen wij deze week allemaal meemaken.
Veel leesplezier
Zondag 11 september
04.30uur Ai, ai, ai, dat valt natuurlijk niet mee voor de gemiddelde horecakaffer. Vroeg opstaan is één ding maar dit is midden in de nacht. Helaas kregen wij van de jaarbeurs 08.00uur als opbouw tijd en zal er voor die tijd toch echt nog eerst een bus opgehaald moeten worden in Weesp. Aangezien onze Engelse dubbeldekker de duizelingwekkende topsnelheid van 68km p/u weet te halen is dit nog een tijdrovend klusje. Maar goed op het dooie akkertje is ook geen slecht begin van de dag. Keurig om 08.00uur op de plaats van bestemming sloeg de stemming toch gauw om. Wat bleek, men was niet echt op de hoogte van de komst van onze bus. Tevens was de hoogte nog even een punt van discussie waar toch de ganse jaarbeurs zich even mee moest bemoeien. Het was dan ook wat aan de krappe kant maar uiteindelijk reed onze knalrode mobiele keuken met de borst vooruit naar binnen. Het opbouwen en installeren kon beginnen. Uiteindelijk vliegt de dag dan toch weer veel te snel voorbij en heb ik maar besloten om het op maandag maar af te maken aangezien er ook nog gewoon een restaurant gedraaid moest worden. Kortom en lekkere chaotische maar geslaagde eerste dag.
Tot morgen
Maandag12 september
07.00uur
Rise en shine, kinderen naar school en naar de oppas. Snel door naar het verhuur bedrijf om de laatste spullen op te halen. Eenmaal aangekomen met een auto vol geladen wordt het tijd om te gaan verdiepen in het bereiden van beslag. Blijft een beetje een gok aangezien we geen enkel referentiekader hebben over de hoeveelheid pannenkoeken die we de eerste dag gaan verkopen. We zijn iig uit gegaan van zo'n 500 per dag en proberen steeds een dag vooruit te blijven werken. Terwijl het beslag lekker staat te draaien is er mooi nog even een momentje voor koffie, brood en de krant. Heerlijk!!!
Dan wordt het tijd om maar weer eens richting Utrecht te rijden voor de laatste dingetjes. Koelkasten controleren, beslag afleveren en overal nog snel even een lap over. Toen de brandweercontrole, geen probleem zo leek het aangezien er eerder deze maand al een controle was geweest waarbij alles akkoord was verklaard. Maarrr!!! Toen bleken er in Utrecht toch echt andere regels te gelden en de gasslangen toch echt vervangen diende te worden. Prima op zich alleen ontstond er wel een praktisch probleempje. Waar haal je tussen 19.00uur 's avonds en 8.00uur 's ochtends gasslangen vandaan?
Tot morgen
Dinsdag 13 september
06.30 uur
Gelukkig gisteravond laat nog een collega weten te vinden die toevallig net nog al zijn gasslangen had vervangen. Probleem opgelost en ontspannen richting de zaak om personeel op te halen. Even gezellig koffie drinken en daarna de auto maar eens richting 030 te sturen. Eenmaal op de jaarbeurs nog een inspectie rondje met de brandweer en dan kunnen we open. Helaas komen we er al gauw achter dat we beslist geen beste plek hebben toegewezen gekregen. Tot onze grote spijt in veruit het rustigste hoekje. Gelukkig hebben we leuke buren zodat we er met zijn allen maar het beste van proberen te maken.
De uitdrukking 'stroperig' komt deze dag volledig tot uiting maar gelukkig is Lee Towers aan het einde van de dag nog op het podium om onze lachspieren weer een beetje in beweging te krijgen.
Kortom leerzame dag en morgen zullen we zeker wat dingen anders moeten gaan invullen en hopelijk komt er iets van een tegemoetkoming van de organisatie voor deze waardeloze plek.
Voor nu maar weer de auto in om gezellig aan te sluiten op de A27 en op naar de familie.
Tot morgen
Woensdag 14 september
7.00uur
Vol goede moet staan we op nadat, de toch wel teleurstellende dag van gisteren, was verwerkt. Even gauw de laatste spullen op de zaak halen en dan weer richting Utrecht. Eenmaal daar aangekomen is het tijd om met de overige bestuursleden de dag van gisteren te evalueren en te beslissen hoe nu verder. Er wordt besloten om toch te beginnen met samplelen en daar mee de leden zo goed mogelijk te vertegenwoordigen. Zo gezegd zo gedaan maar wat bleek, de hoeveelheid bezoekers is vandaag ineens een veelvoud van de dinsdag en al gauw staan hordes mensen massaal rondom de bus. We keken elkaar aan van 'Wat nu?'. Toch maar weer verkopen, blijven uitdelen, gecombineerd? Één ding was zeker met alleen uitdelen bleef er geen tijd over om je verhaal te doen, dus dan maar combineren. Maar ook dat bleek lastig in te vullen want men bleef toch steeds maar aanschuiven. Uiteindelijk zijn we overeen gekomen om de pannenkoeken voor €2,50 aan de man te brengen en zoveel mogelijk contact te blijven zoeken met de voorbij gangers. Dit leverde een gezellig resultaat op met Leon en Bart achter de pannen, Ton als penningmeester en Mirjam en Merijn die de bakkers van repliek diende en het de gasten zoveel mogelijk naar hun zin te maakten.Het duurde dan ook niet lang voordat de tranen over de wangen van ondergetekende biggelden. Uiteindelijk zie je dat deze doelgroep wel graag overzicht houdt want om 16.30uur begint het toch wel op zijn einde te lopen en gaat men opzoek naar de uitgang of Anita Meijer;-) en is er nog weinig aandacht voor ons maar ook de overige standhouders. We kunnen terug kijken op een geslaagde dag waar we ongeveer 65 liter beslag aan de man hebben gebracht maar vooral hebben laten zien hoe gezellig het bij onze pannenkoekenhuizen kan zijn. Morgen heb ik van de voorzitster een vrije dag gekregen maar zal er zeker weer verslag worden gedaan vanaf de jaarbeurs.
Tot morgen
Vrijdag 16 september
06.45uur
Na een heerlijke vrije dag konden we er vandaag weer volop tegen aan. De gebruikelijke ronde via de zaak voor de laatste spulletjes en het wakker maken van de koekenbakkers Bart en Rens, konden we weer richting jaarbeurs. Daar stond ons alleen een onaangename verrassing te wachten. Geen verlichting in de bus. Hoe kan dat nou weer? We keken elkaar aan met een blik van ' dat kan er ook nog wel bij'. Na een beetje logisch nadenken kwamen we tot de conclusie dat het een combinatie moest zijn van de accu van de bus en het overschakelen in de jaarbeurs van nacht naar dag stroom. Alle koelkasten waren namelijk ook compleet dichtgevroren dus ergens is er iets fout gegaan. Helaas bleef het daar niet bij. We hebben in de bus namelijk een afvoer capaciteit van 10 liter en ik hoef u natuurlijk niet uit te leggen wat er gebeurd als je daar 20 liter beslag doorheen gooit?met wat hulp van de buren is het uiteindelijk allemaal dik in orde gekomen en hebben Imke, Mirjam en Maaike ons meer dan bovengemiddeld vertegenwoordig tegenover een voor ons toch zeer belangrijke doelgroep. Het is in ieder geval lekker druk geweest en bovenal erg gezellig. Uiteraard werd de dag weer afgesloten door een artiest met internationale allure, namelijk Lee Towers. Na afloop hebben de koekenbakkers de dames nog even mee uit eten genomen in het altijd swingende Hoogland en hebben nog even lekker kunnen 'ouwehoeren'. Moe maar voldaan is iedereen uiteindelijk huiswaarts gekeerd om zich in een overheerlijk warm bed op te maken voor de volgende dag. Alleen Bart had nog een feestje dus wat daar het resultaat van is zal ik u morgen nog wel even van op de hoogte houden.
Tot morgen
Zaterdag 17 september
07.00uur
Uiteindelijk gisteren toch nog te laat naar bed gegaan zodat het deze ochtend toch in het begin nog wat moeite kost om in beweging te komen. Gelukkig is daar nog mijn 4-jarige dochter die mij er nog even fijntjes op wijst dat papa op moet schieten aangezien we naar de zwemles moeten. Na ons wekelijkse uitstapje wordt het nu toch echt tijd om richting 030 te gaan. Daar is alles inmiddels al in volle gang en Mirjam en Bart staan er inmiddels bij alsof het dagelijkse kost voor ze is. Voeg hier de aanwezigheid van de altijd gezellige familie Haalboom van pannenkoekenhuis Bergzicht aan toe en de vereniging is weer op en top vertegenwoordigd. Graag wil ik deze ruimte dan ook even gebruiken om ze ontzettend te bedanken voor hun inzet en het familie gevoel wat ze deze dag hebben meegenomen. Dochterlief stond als volleert pannenkoekenbakster samen met Bart achter de pannen, terwijl pa en ma hun kennis over onze branche met al de aanwezigen deelde. Helaas is het zo dat de doelgroep van deze beurs door de weeks enorm veel vrije tijd heeft om dit soort initiatieven te bezoeken maar dat ze in het weekend toch veelal kiezen voor een bezoek aan de kleinkinderen. Het was dan ook beduidend minder druk in de jaarbeurs en de dag was al gauw op zijn einde.
Morgen is het de laatste dag voor ons en mogen we ons nog even in het zweet werken tijdens het afbouwen. Uiteraard zal ik hier nog even verslag van doen maar voor nu zeg ik toch echt welterusten en tot morgen.
Zondag 18 september
07.00uur
Na eerst even een lekker potje stoeien met mijn zoon en een verplichte aflevering van de BiBa Boerderij wordt het tijd om richting Hoogland te gaan om de laatste spullen van deze week op te halen. Eenmaal aangekomen in Utrecht staat daar Fred van pannenkoekenhuis Schaarsbergen al op me te wachten en die heeft er duidelijk zin in. Nadat alles weer operationeel is wordt het tijd voor een bakkie koffie en komt daar ook gelijk de stralende familie Sonnenveld uit Maasland aangewandeld. Imke, Maaike en Piet hebben er in ieder geval zin in maar voorlopig is het nog uitgestorven op de jaarbeurs. Uiteindelijk veranderen we van strategie en beslissen we om alles voor een euro te verkopen aangezien het anders ook in de kliko gaat verdwijnen. Dit gaat niet onopgemerkt voorbij en al spoedig is het aanpoten geblazen en dreigt er een tekort aan beslag. Na enig onderhoudt beslissen we om toch nog maar een keer te bevoorraden en wordt er dus nog een ritje Amersfoort gemaakt. Dit bleek geen overbodige luxe want ook de laatste 35 liter beslag was voor 16.00uur verkocht. De beurs loopt nu dan ook echt op zijn einde aangezien Lee Towers en Anita Meijer vandaag ook verstek laten gaan. Tijd om te poetsen dus en alles gereed te maken voor het afbouwen en het weer uitrijden van de bus. Door allerlei logistieke constructies en beleid vanuit de jaarbeurs wordt er besloten om alles dusdanig achter te laten dat we onze dubbeldekker maandag ochtend weer terug kunnen gaan brengen naar de rechtmatige eigenaar. Al met al dus weer een prima dag waar het fenomeen pannenkoeken eten weer goed onder de aandacht is gebracht. Ik denk dan ook dat onze deelname aan de 50+ beurs absoluut een positieve uitwerking heeft voor al onze leden. Het was wat mij betreft in ieder geval weer een interessante week met ups en downs maar uiteindelijk overheerst er toch een positief gevoel en dat is toch zeker een voorwaarde voor alle mensen die hier zoveel tijd en energie in hebben gestopt. Ik wil dan ook iedereen ontzettend bedanken voor hun bijdrage en hoop jullie allemaal te zien op onze jaarlijkse ALV bij pannenkoekenhuis Meerzicht.
Tot snel
Merijn Jansma
Pannenkoekenhuis & eethuis 'In den Gloeiende Gerrit'
Info@gloeiendegerrit.nl
www.gloeiendegerrit.nl
Mocht u ooit eens in gesprek raken met een oud medewerker van de Gloeiende Gerrit en u stelt hem of haar de vraag wat de persoon in kwestie daar geleerd heeft en wat hem of haar het meest is bijgebleven? Dan kan ik u op een briefje geven dat in veel gevallen het antwoord zal luiden, bier drinken!!! Ik zal dan ook niet ontkennen dat er bij ons na een dag van hard werken, reikhalzend kan worden uitgekeken naar het ijskoude Bourgondisch wonder dat bier heet. Gezellig samen aan de bar werden avonden tot in detail geëvalueerd en al het lief en leed uitvoerig met elkaar besproken. Om de zoveel tijd moest er weer eens iemand getroost worden na het kapot lopen van ‘de verkering’ en werden de onderlinge banden eigenlijk alleen maar steviger. Of te wel ‘one happy family’ iets wat voor velen, die in de horeca actief zijn geweest, heel herkenbaar zal zijn. Toch lijkt het gedrag omtrent alcohol gebruik de laatste tijd wat te zijn veranderd en dan bedoel ik de aanleiding om te drinken. Daar waar het in onze beleving een aanvulling op een sociaal moment zou moeten zijn lijkt het steeds vaker zo te zijn dat men eerst stevig moet gaan drinken om een sociaal moment te beleven en dat is zeker zorgwekkend. Dit gegeven plaatst mij als horeca ondernemer echter voor een dilemma. Uiteraard wil ik het beste voor de jeugd en vind ik dat er verantwoord mee omgegaan dient te worden en sta ik niet per definitie negatief tegenover een strengere regelgeving. Ik heb echter ook veel collegae die hier hun boterham mee verdienen en waar ik absoluut van vind dat zij hier hun verantwoordelijkheid nemen. Mocht de overheid echter besluiten de minimum leeftijd op te schroeven naar 18 jaar dan zal dit voor deze bedrijven zeer grote consequenties hebben. Terwijl bijvoorbeeld supermarkten hier weinig van zullen voelen. En hier wringt het dan ook een beetje. Waarom wordt een verkooppunt (de supermarkt) op één hoop gegooid met een bedrijf dat een beleving faciliteert met eventueel een alcoholische consumptie? Waarom kan de horeca ondernemer aansprakelijk worden gesteld voor eventuele vervelende gevolgen veroorzaakt door een 15-jarige die hij alcohol heeft geschonken en de supermarkt niet. Sterker nog, een fietsenmaker die een 14-jarige een brommer verkoopt waar hij of zij vervolgens een ongeluk mee veroorzaakt, is niet aansprakelijk. Mijn collega ondernemer met een jeugdcafé wel. Ook al geeft hij voorlichting op scholen en nodigt hij ouders uit om bij hem in zijn bedrijf te komen kijken hoe het er daar aan toe gaat. Uiteraard hebben wij een grote verantwoordelijkheid gezien de vaak belangrijke positie die wij als horeca innemen bij de opgroeiende puber maar ook de overheid mag hier wel wat genuanceerder in worden. Wanneer men als gemeente tijdens oud & nieuw zonder boe of bah wel vergunningen afgeeft met als gevolg dat er een heus tentenkamp in de weilanden ontstaat waar men zich onbezorgd laat vollopen om vervolgens compleet beschonken in de binnenstad te arriveren. Wanneer dit onder het ‘kopje veiligheid’ weg geredeneerd wordt, gaat er iets niet helemaal goed. Terwijl we het toch allemaal met elkaar eens zijn dat alcoholmisbruik onder de jeugd moet worden tegengegaan, wordt de lokale ondernemer nagenoeg niet betrokken in deze strijd terwijl deze wel de regelgeving krijgt opgedrongen en als eerste met de gevolgen ervan wordt opgezadeld.
Ik hoop dan ook dat ouders de moeite nemen om zich te laten informeren over hoe het er in het uitgaansleven aan toe gaat en dan zelf met hun gezonde verstand bepalen wat zij wel of niet goed vinden voor hun zoon of dochter. Helaas zijn er nog steeds gelegenheden waarvan ik ook hoop dat ik mijn kinderen daar over een paar jaar op zaterdagavond niet hoef op te halen. Gelukkig zijn er ook veel horecazaken waar je opgroeiende puber zich prima kan ontwikkelen. Al dan niet met een biertje of een wijntje, dat laat ik aan u over.
Met gastvrije groet,
Merijn Jansma
Ons eerste kruisje,
Uiteraard wensen wij u en iedereen een hoop geluk en goede gezondheid toe voor het komende jaar. Het jaar dat voor ons in ieder geval goed begonnen is.
“Het hebben van een zaak is het einde van het vermaak.” Nu zal ik niet beweren dat ik omkom in de vrije tijd en dat ik van gekkigheid niet weet wat ik ermee aan moet. Maar om nu te zeggen “einde van het vermaak” gaat me veel te ver.
Tijdens ons jaarlijkse borreltje op 1 januari met het personeel, voor zover alweer hersteld, werden mijn compagnon en ik verrast door de aanwezigen met een wel heel bijzonder gebaar. Het was hun namelijk niet ontschoten dat wij inmiddels op de kop af 10 jaar elkaars kompanen zijn en zij trakteerden ons op een avondje uit in Rotterdam bij het prachtige restaurant Ivy. Voor degenen die niet bekend zijn met deze toptent. Ivy is absoluut een voorbeeld van een restaurant 21ste eeuw. Kwaliteit spreekt bijna voor zich en de beleving staat centraal en wordt doorgevoerd tot in het uiterste.
En hoewel wij ons eerste echte jubileum als iets vanzelfsprekend zien en de neiging hebben om maar weer gauw over te gaan tot de orde van de dag, maakt het bij ons beiden toch wel wat los. Na een week die toch al bol staat van beschouwingen laat je jezelf toch gauw verleiden om nog even achterom te kijken. Wat is er in 10 jaar allemaal veranderd? Is het geworden wat we ervan verwachtten? Hebben we onze persoonlijke doelen gerealiseerd? En vooral, waar staan we zelf?
Uiteraard is er in 10 jaar veel veranderd, denk bijvoorbeeld maar aan de invoering van de euro en het rookverbod. Maar ook de geluiden aan de overkant van de oceaan baren zorgen in de branche. Wat te denken van een algeheel zoutverbod in de horeca? Waar men in New York nu toch echt mee aan de slag gaat aangezien men zout ziet als één van de boosdoeners met betrekking tot obesitas. Wat je er ook van vindt, je ontkomt er niet aan om erop in te spelen en er rekening mee te houden. “Regeren is vooruit zien” en dat geldt zeker voor de eerder genoemde onderwerpen. Ik vermoed dat iedere ondernemer zich de karrenvracht ‘stront’ uit 2002, na de invoering van de euro, nog wel voor de geest kan halen. En terecht, of niet, echt handig zijn we er als branche niet mee omgesprongen.
Kijkend naar onszelf en ons verwachtingspatroon, de persoonlijke doelen, plus de positie waar we ons nu bevinden. Kan ik eigenlijk alleen maar zeggen dat we beiden met het bedrijf zijn meegegroeid. Ieder op zijn eigen manier maar allebei met de drive om iets van een authentiek leiderschap te ontwikkelen. Los van alles wat we afgelopen 10 jaar niet hebben bereikt, durf ik wel met enige bescheidenheid stellen dat we ons op dat vlak toch aardig hebben weten te ontwikkelen. Als dit dan ook nog door je personeel, familie en andere dierbaren op waarde wordt geschat en bovenal ook nog wordt gewaardeerd, ben je een rijk mens. Met die rijkdom en door de ruimte die we elkaar geven blijft het ook mogelijk om vooruit te kijken. Verder te gaan met het doorontwikkelen van ons bedrijf, ons personeel en onszelf. Uitdagingen aangaan en het hebben van succes kun je niet los zien van elkaar. Een bepaalde spanning hebben wij allebei nodig maar het hebben van vermaak is voor ons toch wel een hele belangrijke randvoorwaarde om onze definitie van succes invulling te geven en wij willen dan ook iedereen bedanken die hier op één of andere manier de afgelopen 10 jaar bij betrokken is geweest.
Met gastvrije groet,
Merijn Jansma
Het is onrustig in onderwijsland. Zo ook in horecaland, grilligheid is eerder regel dan uitzondering op het moment.
Je zou zeggen dat in het kader van kostenbeheersing de horecaleerlingen hoogtijdagen beleven in onze branche. Echter, je ziet steeds vaker dat het lokale bedrijfsleven en de plaatselijke ROC’s voortdurend over elkaar vallen en er van soepele samenwerking steeds minder vaak sprake is. Hoe dit zover heeft kunnen komen is niet aan ons om daar een objectieve mening over te verspreiden. Wel vind ik het belangrijk om eens een kijkje in ons bedrijf te geven en te laten zien hoe de Gloeiende Gerrit daarin staat en wat onze overtuiging daarin is.
U moet zich voorstellen dat wij gedurende een jaar met ongeveer 45 medewerkers actief zijn. Meerdere malen zit hier ook een leerling bij en ik zal gelijk ruiterlijk toegeven dat dit niet altijd een onverdeeld succes is geweest. Ook wij hebben weleens een leerling op staande voet ontslagen. De persoon in kwestie was drukker om de kwaliteiten van zijn neus te testen met een grammetje coke in plaats van deze beschikbaar te stellen voor het mooie ambacht van kok. Toen wij de school en de begeleider opbelde voor een correcte afwikkeling en een stukje begeleiding voor dit ongeleide projectiel wenste, kregen wij het antwoord dat het vakantie was. Er was dus geen mogelijkheid om deze leerling op te vangen en geen mogelijkheid ons te helpen dit voorval netjes af te handelen. Voor alle duidelijkheid, wij hebben het hier nog steeds over een kind van 17 wat duidelijk zoekende was en niet gezegend met universitaire capaciteiten. Maar goed, ook de docent heeft recht op vakantie. Daarintegen de school wat mij betreft niet. Er moet altijd een goed functionerend vangnet zijn voor een kind wat een jaar bij u of bij ons in het bedrijf werkt en niet, zoals nu, wordt beoordeeld op een takenboek waar sporadisch naar gekeken of gevraagd wordt.
Nu kunnen wij van iedere leerling 20 taken uit zijn of haar takenboek afvinken omdat hij of zij de bereiding van een bearnaissesaus beheerst. Ik kan u ook op een briefje geven dat als wij de leerling niet de juiste prikkels geven, hij bij zijn volgende adres weer van vooraf aan kan beginnen. Als er een taak is afgevinkt bij een 17-jarige dan is het weer tijd om vooruit te kijken en wordt die bereiding van de eerder genoemde saus ver weggedrukt in een achterafkamertje. Het is dus aan ons, het bedrijfsleven, om het onderwijs input te geven zodat de theorie van scholen up to date blijft. Onze tweede verantwoordelijkheid is dat al dat verborgen talent ontdekt en behouden wordt voor onze branche. Werkweken van soms 60 uur of meer zijn wat mij betreft volstrekt uit den boze bij een kind van die leeftijd. Leermeesters mogen ook zichzelf weleens wat vaker aankijken en beseffen dat oprechte interesse in iemand vaak meer doet dan alleen maar superieure kennis ten toon spreiden. Scholen daarentegen mogen zich echter ook weleens achter de oren krabben en nu eindelijk eens toegeven dat het competentie gerichte geneuzel toch echt niet gaat worden waar men op had gehoopt. Met z’n zessen bezig zijn met bereiden van een salade wordt door de praktijkgerichte horeca niet begrepen, laat staan dat de creativiteit van de kok in spee hier echt mee wordt geprikkeld en een persoonlijk ontwikkelingsmoment doormaakt. Oneerlijke concurrentie met de lokale ondernemers werkt logischerwijs ook niet bevorderend voor de samenwerking en bereidheid onderling. Maar het meest frustrerend blijft toch wel het woud aan wetgeving en de onbereikbaarheid van beleidsbepalers om nu eens gezamenlijk de schouders eronder te zetten en tot een onderwijs te komen waar men met recht trots op kan zijn.
In ons eigen bedrijf komt men op 16-jarige leeftijd bij ons binnenlopen, zo’n 80 per jaar, met het verzoek of er een plekje in de zomer vrij is. Nadat we hem of haar hebben uitgelegd dat we het hele jaar open zijn en dat het werk ook enige verantwoordelijkheid met zich meebrengt gaan we al een soort traject in. Wij realiseren ons heel goed dat wij als bedrijf een sociale functie voor kinderen van die leeftijd in het dorp hebben. Ouders geven ons het vertrouwen hun kinderen bij ons een stukje verder te laten opgroeien en wij proberen een sfeer te creëren waarin dat heel vanzelfsprekend is. Uiteraard moet er gewoon hard worden gewerkt en wordt men aangesproken op dingen die wel en niet goed gaan. Maar er wordt wel degelijk, in overleg met de direct leidinggevenden, gekeken naar de aard van het beestje en waar zijn of haar capaciteiten liggen. Ze blijven dan ook vaak jaren ‘hangen’ en bekleden diverse functies binnen het bedrijf om uiteindelijk na de afronding van hun studie als volwassen twintigers de maatschappij in te duiken. Sommige worden ook gegrepen door het horecavirus en ambiëren een vast dienstverband en ook op diverse hotelscholen komt u ‘Gloeiende Gerritjes’ tegen. Hier zijn wij al 10 jaar mee bezig en wij merken dat we op deze manier ook voor onszelf de lat steeds hoger leggen door nog bewuster ruimte en een prettige werksfeer te creëren . In het begin kwam dit vanzelf omdat we zelf 80 uur op de werkvloer stonden en was er voor iedereen geen ontkomen aan. Nu inmiddels 10 jaar verder en een prachtig gezin rijker lukt het ook om dit over te brengen op ambitieuze bedrijfsleiding en zien wij het bedrijf zelf ook weer mee ontwikkelen.
Wat ik hier mee wil zegen is dat wij als (leer)bedrijf uiteindelijk alleen maar de functie hebben om een adolescent of leerling een omgeving te bieden waar hij of zij kan opgroeien en ontwikkelen en uiteraard hoort hier ook een bepaalde verantwoording bij. Als wij dit goed doen hebben wij er automatisch veel plezier van en vind ik dat wij van scholen mogen verwachten dat ze leerlingen leveren met een bepaald basisniveau. We moeten voorkomen dat wij (leerbedrijven) competentie gericht gaan kijken naar de scholen in de veronderstelling dat de praktijkkennis daar voldoende aanwezig is. Het blijkt namelijk nergens uit dat dit het geval is waardoor wij, volgens hun eigen filosofie, onmogelijk kunnen verwachten dat de school zich uit zichzelf dusdanig ontwikkeld zodat deze op het juiste niveau komt.
De 17-jarige zelf geeft eigenlijk het enige goede antwoord. Namelijk de dingen die gebeurd zijn ver weg te stoppen en proberen vooruit te kijken. Aan ons om uit het vaste stramien te komen en de jeugd een opleiding aan te bieden die ze verdienen, zodat de pareltjes blijven behouden voor dit mooie vak.
En wie weet… collega ondernemer, wie weet verdienen we er zelf ook nog wat aan ;-)
Met gastvrije groet,
Merijn Jansma
Over de uitdrukking zelf wil ik niet teveel woorden vuil maken maar heeft wel degelijk betrekking op het beeld van het huidige horecalandschap in Amersfoort. Reden dat ik hierover begin is niet om m’n eigen straatje schoon te vegen maar meer om een lans te breken voor collega’s die ik afgelopen jaren bloed, zweet en tranen heb zien werken maar die in deze roerige tijden het helaas net niet redden. Ook ik vind dat in een mindere periode de betere ondernemer komt bovendrijven en in dat licht bekeken is dat zeker een positief gegeven van deze mindere tijden. Echter gaat dit verhaal voor de restaurantbranche in Amersfoort niet helemaal op. Ik hoop dat u, de consument, hier nog eens aan wil terugdenken tijdens het overdenken van uw ongetwijfeld terechte kritiek op onze branche. Zonder u lastig te willen vallen met ellenlange staatjes van kosten, bureaucratische regelgeving, eurogeneuzel en rookbeleid (welk beleid?), wil ik u vragen om eens 10 jaar terug in de tijd te gaan. Herinnert u zich nog welke restaurants u een warm hart toedroeg rond de millenniumwisseling? Zonder iemand te kort te willen doen moeten we het toch met elkaar eens zijn, dat de variatie van restaurants in Amersfoort op z’n zachts gezegd nogal beperkt was. Ook kunnen we het, denk ik, eens zijn dat de inhaalslag die Amersfoort op restaurantgebied de afgelopen 10 jaar gemaakt heeft, toch op zijn minst indrukwekkend is? Sterker nog, hoogstwaarschijnlijk ziet uw lijstje er vandaag de dag compleet anders uit, wat gezien het huidige aanbod ook volkomen terecht is. Zonder al mijn gewaardeerde collega’s met naam en toenaam één voor één af te gaan, kan ik er persoonlijk ook rustig 10 opnoemen waar ik mijn schoonmoeder met een gerust hart naar toe stuur. Waar zit nu dan toch het probleem hoor ik u denken? Om dat te beantwoorden vraag ik nog eens om uw favoriete restaurant in gedachten te nemen. Prachtige tent, nietwaar? Zal wel wat gekost hebben? Ja dat klopt, dat heeft inderdaad een fortuin gekost maar wij, de consument, laten ons tegenwoordig graag verleiden door de beleving die de restaurateur ons biedt. Het ene concept is nog mooier dan het andere. En wees eerlijk, het eten is in een mooie ambiance nou eenmaal smaakvoller dan in onze dagelijkse omgeving. Ervan uitgaande dat we niet allemaal schoonouders met een fortuin hebben, zitten deze ondernemers logischerwijs tot hun nek in de schulden. Wat op zich geen ramp hoeft te zijn. Als je ergens in gelooft en je bereid bent daar de komende jaren keihard voor te werken dan is er absoluut licht aan het einde van de tunnel. Het is alleen zo jammer dat uitgerekend bij de ondernemers, die de afgelopen jaren hun nek hebben uitgestoken, mooie concepten hebben neergezet en Amersfoort gastronomisch op de kaart hebben gezet, de klap van recessie het hardst aankomt. Dit omdat hun lasten simpelweg op dit moment nog het hoogst zijn en banken elkaar vandaag de dag niet staan te verdringen om deze innovatieve ondernemer nog wat extra lucht te geven. Dat heeft in mijn optiek niets te maken met ‘het kaf van het koren scheiden’ en het is te hopen dat deze collega’s behouden blijven voor een hele mooie branche. Helaas zijn er al een aantal die recentelijk, gedwongen of niet, een andere invulling aan hun ambities hebben moeten geven. Ik wens ze dan ook alle sterkte en wijsheid toe. Het is een verlies voor de stad Amersfoort, dat deze prachtige bedrijven één voor één dreigen om te vallen. Uiteindelijk blijft er weer veel van hetzelfde over en dat kan toch niet de bedoeling zijn? Ik hoop dan ook dat bepalende bedrijven, banken en gemeente in Amersfoort het MKB de ruimte geven om te ondernemen. Dat dit inherent is aan het maken van fouten moet niet ogenblikkelijk worden afgestraft. Hardliners zijn er tegenwoordig al in overvloed en zijn diegene die compromissen kunnen sluiten juist de mensen die vooruit willen en komen. Er ligt namelijk nog werk genoeg voor ons in Amersfoort om door te ontwikkelen. Ik noem de toename van de studenten waar we in de horeca al jaren naar zitten te smachten. Maar ook de padstelling met het prachtige ROC op de Daam Fockemalaan is natuurlijk een onderwerp waar we ons allemaal sterk voor moeten willen maken en waar toch op één of andere manier een win-winsituatie uit voort moet komen. Afijn, het zijn niet alleen pannenkoeken en andere mooie producten die de klok slaan binnen de Gloeiende Gerrit. Een mooie stad waar wij reeds 10 jaar ontzettend veel aan hebben te danken, verdient ook de aandacht van de ondernemer om daar waar mogelijk eens iets terug te geven.
Met gastvrije groet,
Merijn Jansma
Deze kreet heb ik ooit cadeau gekregen van een trainer/coach die mij enorm wist te prikkelen. Het is ook het eerste wat me te binnen schoot toen mijn compagnon en medewerkers aan me vroegen om eens iets van een weblog of column te gaan bijhouden voor onze site. Natuurlijk is het ontzettend leuk om de wekelijkse beslommeringen van een horeca bedrijf op papier te zetten, maar is het niet veel leuker om eens gaandeweg te ontdekken wie er nu toch precies achter dit bedrijf zitten en wat ze beweegt om tot een visie te komen waar ze achter staan en in geloven? En wat is hun kijk op de ontwikkelingen binnen het regionale horecalandschap? Zijn er maatschappelijke vraagstukken die direct invloed hebben op de bedrijfsvoering en hoe wordt daar door de ondernemer mee omgegaan? Laat hij zich überhaupt wel beïnvloeden door bewegingen en trends van buitenaf of opereert hij toch voornamelijk binnen zijn vier muren en worstelt hij zich met noeste arbeid door de dag heen? Blijft hij tot in den treuren zijn eigen bedrijfsblindheid ontkennen of accepteert hij dit gegeven en probeert hij er in ieder geval zoveel mogelijk aan te doen om zo fris en ‘open minded’ mogelijk naar zijn eigen onderneming te kijken? Allemaal vraagstukken waar John en ik dagelijks mee worstelen maar ook het plezier vandaan halen om, inmiddels alweer zo’n 10 jaar, met zijn tweeën ziel en zaligheid in de Gloeiende Gerrit te stoppen. Nu gaat het wat ver om in zo’n eerste column onze manier van samenwerken volledig uit de doeken te doen en daar zal ik u dan ook niet mee vervelen. Maar om u een eerste indruk te geven zit het als volgt: John is voor Ajax en ik ben voor Feyenoord. Hier kan John verder niet zoveel aan doen en ik heb geleerd het maar te accepteren zoals het is. Dit gaat echter wel zo’n beetje dwars door de hele bedrijfsvoering heen en zorgt uiteraard voor veel momenten dat de gedachten weleens wat haaks op elkaar staan maar het dwingt je ook om altijd gezamenlijk tot een oplossing te komen en daar komt dan ook het eerste inhaak moment op de titel ‘Schitterend presteren’ vandaan. Uiteraard maken wij ook fouten en worden we door schade en schande wijs. Ook wij zijn hoogstwaarschijnlijk bedrijfsblind en krijgen gevoelige tikkies in deze tijd van recessie. Maar we hebben wel beiden de eigenschap dat we graag ‘voorin’ zitten in plaats alles maar rustig achterover leunend te aanschouwen wat er om ons heen gebeurt en het te nemen zoals het komt. Ook wij hebben niet een pot met geld staan om maar te blijven investeren en banken staan vandaag de dag absoluut niet vooraan om die creatieve ondernemersgeest van de willekeurige horecaondernemer te spekken. Echter zijn het juist deze beperkingen die je dwingen om met een minimale hoeveelheid van ‘gereedschap’ iets op een creatieve manier voor elkaar te krijgen. Door op deze manier altijd voorin de bus te willen zitten en in te springen op de ontwikkelingen in de markt en maatschappij krijg je volgens mij genoeg bagage om ook door te kunnen pakken in wat mindere tijden. Bijkomend voordeel van het zelf schitterend willen presteren is dat je dit ook uitstraalt naar je omgeving en je gasten waardoor mensen je geloven en je misschien ook een gunfactor creëert. Men vind je authentiek en dat is naar mijn mening zo ongeveer de belangrijkste eigenschap die je als horecaondernemer dient te bezitten. Prettig is ook dat je jezelf de ruimte geeft om te blijven ontwikkelen en dat logischerwijs ook je personeel makkelijker met je meegroeit waardoor je een groter draagvlak bij hun creëert voor de weg die jij als ondernemer wilt bewandelen. Als ik voor mezelf spreek kom ik er steeds meer achter dat ik eigenlijk nog veel meer plezier haal uit het anderen juist ‘schitterend’ te laten presteren in plaats van zelf altijd aan de haal te gaan met ‘the guts and the glory’. Ik vind het schitterend als één van onze personeelsleden met een geweldig idee komt, wat misschien al 20 keer bedacht is, maar door het brede draagvlak onder de bepalende poppetjes binnen je organisatie nu ineens wel een succes kan worden terwijl je zelf al vijf jaar geleden met dit idee rond liep maar vanwege de weerstand hier op een gegeven moment geen heil meer in zag. Het geeft jezelf namelijk ook weer de mogelijkheid om door te pakken en te focussen op dingen waar je je prettig bij voelt. Zo wordt er bij het eethuis nagenoeg uitsluitend nog met dagverse producten gewerkt en hebben we een prachtig brood van de bakker uit het dorp, hebben we onze eigen bierlijn ontwikkeld en hangen er in de nok van de boerderij hammen te drogen die het hele proces inpandig hebben meegemaakt zodat we volgend jaar prosciutto di Hoogland kunnen serveren. Maar ook bij de bedrijfsleiding van het pannenkoekenhuis zie je jonge ambitieuze mensen zich in sneltreinvaart ontwikkelen en zijn we er als bedrijf en ondernemer achter gekomen dat wij ons thuis voelen bij projecten met een maatschappelijk betrokken achtergrond. Kortom in mijn visie is het schitterend willen en laten presteren voor iedereen een win-winsituatie waarmee je een omgeving creëert die ook in wat mindere tijden nooit stil staat. En natuurlijk hoort daar ook kritiek bij, het kunnen niet allemaal voltreffers zijn, maar wie niet waagt wie niet wint of niet geschoten is altijd mis en noem die clichés allemaal maar op. Het meest irritante is dan ook dat alle clichés waar zijn en dat dit ook telkens weer blijkt te kloppen. Behalve dan het cliché ‘het kaf van het koren scheiden’ maar daar kom ik graag nog op terug voordat het lezen van deze tekst een avondvullend programma gaat worden want zo is het niet bedoeld.
Met gastvrije groet,
Merijn Jansma
|
|